Vaccinaties

U wilt uw (huis)dier natuurlijk gezond houden. Met vaccinaties kunt u zorgen dat regelmatig optredende ziektes geen vat hebben op uw dier. Uw dier bouwt met deze veilige en verzwakte ziekteverwekkers voldoende weerstand op om niet ziek te worden voor de duur van de voorgeschreven terwijn waarop het vaccin werkt.

Naast voor de gezondheid van uw dier zijn de inentingen ook nodig als u met uw dier op reis gaat of ervoor kiest om hem voor vakantieperiodes in een pension onder te brengen. Het bewijs hiervoor kan door ons gezet worden in een vaccinatieboekje. Voor het buitenland is een officieel dierenpaspoort nodig en het dier moet onderhuids gechipt zijn.

We kijken naar de gezondheid en leefomstandigheden van uw dier

Voordat een dier gevaccineerd kan worden, moet gekeken worden of het dier gezond is, door eerst een goede gezondheidscontrole uit te voeren. En door aan u te vragen hoe het gaat met het dier. Verder heeft ieder vaccin heeft bepaalde gemiddelde werkingsduur, die varieert van een half jaar tot 3 jaar. Bij de meeste diersoorten is een jaarlijkse vaccinatie voor een aantal ziekteverwekkers nodig, maar dus niet op ieder entmoment krijgt het dier dezelfde vaccinaties. Ook is het mogelijk van sommige ziektes een stuk van de weerstand in de vorm van antilichaamtiters te meten via een paar druppels bloed (het zogenaamde “titeren”). Dan kan het vaccineren soms uitgesteld worden. Dat kan op onze praktijk gedaan worden.

Wij kijken met u naar het dier en bepalen op basis van dat dier en de omstandigheden welke keuze in vaccineren gemaakt kan worden.

Honden

Honden

Honden kunnen tegen verschillende ziektes worden ingeënt: Parvo, HCC (leverziekte), kennelhoest, Weil en hondsdolheid.

Tot een aantal jaren geleden was het normaal om je hond elk jaar te vaccineren tegen allerlei verschillende ziektes. Het geadviseerde vaccinatiebeleid is de afgelopen jaren veranderd. Wij adviseren 1 x in de 3 jaar een ‘grote cocktail’ inenting. Dat geeft voldoende bescherming en de gezondheidsrisico’s van de vaccinatie worden sterk verminderd.

Voor Weil en kennelhoest (bordetella) moet eens per jaar worden ingeent. Doe dat bij voorkeur in het voorjaar, dan is het dier in de zomer – waneer de Weil bacterie het meest aanwezig is – goed beschermd.

Ook de inenting voor kennelhoest moet jaarlijks worden gedaan. Deze inenting wordn vaak geeist als een hond in een pension wordt ondergebracht of bij deelname aan tentoonstellingen. Doet u dat niet, overleg dan met ons of deze inenting nodig is.

Katten

Katten

Elk kitten krijgt via de moedermelk afweerstoffen tegen ziekten. Zodra deze weerstand verdwijnt (tussen de 6 en 16 weken leeftijd) kan het kitten zelf weerstand opbouwen.

Vaccinatie is bedoeld om weerstand op te bouwen zonder echt ziek te worden. Om deze weerstand te behouden moeten inenting worden herhaald. Bij niesziekte is dit jaarlijks en dat geldt ook voor FeLV (kattenleukemie).

Voor kattenziekte volstaat een keer per 3 jaar. Als de kat meegaat naar het buitenland is ook een inenting tegen hondsdolheid aan te bevelen (en soms zelfs verplicht). Ook deze inenting moet iedere 3 jaar worden herhaald.

Konijnen

Konijnen

Voor binnen- en buitenkonijnen wordt een jaarlijkse inenting aanbevolen.

Het konijn krijgt dan een inenting voor:

  • Myxomatose
  • VHD (viral haemorrhagic disease)

Deze ziektes zijn voor konijnen meestal dodelijk. Beide ziektes kunnen worden overgebracht door stekende insecten of door besmette voeding. Er zijn dan ook regelmatig uitbraken verspreid door Nederland. Zowel binnen- als buitenkonijnen lopen daardoor risico. Met het nieuwe combinatievaccin van MSD is uw konijn een jaar beschermd. Als konijntjes 5 weken oud zijn kunnen ze worden ingeënt.